De Shakuhachi

De shakuhachi

Shakuhachi's in alle maten
Shakuhachi’s in alle maten

De Japanse bamboe fluit Shakuhachi (尺八)is eenvoudige bamboefluit: een holle bamboepijp, met vijf vingergaten en een mondstuk. Dat is alles.

De shakuhachi is familie van de Perzische ney, die op zijn buurt weer zijn oorsprong vindt in het oude Egypte. De oude Egyptische fluiten en de ney zijn van riet gemaakt, terwijl de shakuhachi van bamboe is gemaakt, wat botanisch gezien een gras is. Wat ze gemeen hebben is de manier van aanblazen.

De shakuhachi is een ‘eind geblazen’ (endblown) bamboefluit. ‘Eind geblazen’ wil hier zeggen dat er geblazen wordt aan het einde van de pijp, en dus niet zoals bij een dwarsfluit.

Traditionele zen monniken
Traditionele zen monniken shakuhachi spelend op straat

Aan het uiteinde waarop geblazen wordt is het bamboe schuin afgesneden, zodat er een scherpe rand ontstaat, waarop geblazen kan worden. Om de rand scherper te maken, minder kwetsbaar en een helderder geluid te krijgen, wordt deze rand vaak ingelegd met een stukje buffelhoorn of (kunst)ivoor.

De Shakuhachi werd vroeger gebruikt als een spiritueel muziekinstrument en werd door Zen-boeddhistische monniken bij wijze van meditatie-training bespeeld: dit is de Suizen meditatie – meditatie door het blazen. Zen-spiritualiteit en de natuur vormen de kern van de “honkyoku”, de solo muziekstukken van het traditionele repertoire.

Een kort introductieles (The basics) door Jon Kypros ( in het Engels) is hier te vinden.